Het VBO vroeg 25 sleutelfiguren uit ondernemend en politiek België naar de impact van 25 scharniermomenten op onze economische evolutie. Piet Vanthemsche, kabinetschef van ministers van Landbouw tussen 1997 en 2000, zoomt in op de dioxinecrisis.

Quote

De dioxinecrisis had één voordeel: ze maakte mogelijk wat zonder nooit had gekund.

Auteur
PIET VANTHEMSCHE, KABINETSCHEF VAN MINISTERS VAN LANDBOUW TUSSEN 1997 EN 2000
Tekst

Veel geleerd, maar nog lang niet alles

Inzake voedselveiligheid en voedselkwaliteit is de afgelopen decennia enorm veel veranderd. Er was een diepe crisis nodig voor de ommekeer. Piet Vanthemsche heeft het allemaal meegemaakt. “Er is ten tijde van de dioxinecrisis veel geleerd, maar nog lang niet alles”, zucht hij. 

Kort voor de verkiezingen in het voorjaar van 1999 staat het land op stelten. In verschillende kippenbedrijven wordt een verontrustende sterfte vastgesteld en de overheid weet niet wat er aan de hand is. Wat ze weet, verzwijgt ze. Het vertrouwen van het volk in het voedsel en in de overheid keldert. Ministers Karel Pinxten (Landbouw, CD&V) en Marcel Colla (Volksgezondheid, sp.a) treden af. 

Na de verkiezingen wordt de rooms-rode coalitie van Jean-Luc Dehaene opgevolgd door de paars-groene regering van Guy Verhofstadt (Open Vld). Toen was ik kabinetschef bij minister Pinxten en zou dat blijven bij zijn opvolgers Herman Van Rompuy (CD&V) en Jaak Gabriëls (Open Vld). Later sta ik ook de regeringscommissaris voor de dioxinecrisis Freddy Willockx (sp.a) bij.

De overheid was niet toegerust om de voedselveiligheid te garanderen. Er was te weinig analysecapaciteit, dioxine opsporen kon niet. Er was ook geen traceerbaarheid en geen ketenbenadering. Landbouw en Volksgezondheid deelden de verantwoordelijkheid maar hanteerden totaal andere visies. 

Ook de tijdsgeest zat verkeerd. Ik beredderde in de periode voor de crisis het kwaliteitsbeleid bij Landbouw en meldde dat 10% van het gecontroleerde vlees residu’s van antibiotica bevatte en meer dan 20% van de groenten residu’s van pesticiden. De chefs vonden dat toen ‘niet relevant’.

Items
Afbeelding
AFSCA
Beschrijving
©belga
Type
As List
Tekst

Voorbeeld in Europa

De dioxinecrisis had één voordeel: het onmogelijke werd mogelijk. Het Voedselagentschap kon worden opgericht zonder al te veel politieke betutteling. We moesten absoluut het vertrouwen van de bevolking herstellen. Men liet ons begaan. België was meteen het voorbeeld in Europa.
 
België zette de voedselveiligheid bovendien op de agenda van de Europese Top van Laken in 2001. Dat leidde tot de General Food Law en de oprichting van de Europese Voedselautoriteit die later in Parma werd gevestigd. In de lidstaten kwamen voedselagentschappen tot stand. De bedrijven investeerden in kwaliteitsbewaking, nadat de aandeelhouders hadden ervaren dat de handel van de ene dag op de andere kon instorten.

Maar helaas blijken niet alle lessen geleerd. Tijdens de fipronilcrisis van 2017 doken restanten van het insecticide op in eieren. Het was niet anders met het Veviba-schandaal van 2018, waarbij datumvervalsingen werden ontdekt op ingevroren vlees. Het deed het gezag van het FAVV geen goed.

Items
Afbeelding
Piet VANTHEMSCHE
Beschrijving
©belga
Type
As List
Tekst

Rol van de werkgevers

Woog het bedrijfsleven op de beslissingen? VBO-lid Fevia, de federatie van de Belgische voedingsindustrie, was wél heel actief. Later speelde ook de distributiesector – Comeos – een belangrijke rol. Fevia besefte het belang van goede overheidsdiensten: het werkte constructief mee aan de opbouw van het Voedselagentschap en het controlesysteem.

Het VBO zou zich meer voor sterke overheidsdiensten moeten inzetten. Er zit goed volk bij de overheid, maar die mensen krijgen niet altijd de nodige ruimte. De politiek en de kabinetten – waar ik zelf heb gewerkt! – hebben de onbedwingbare neiging alles naar zich toe te trekken. Dan reduceer je de administraties tot louter uitvoerders. In een goed governancemodel moeten ook de managementteams bij de overheid over voldoende autonomie beschikken.

0