Het VBO vroeg 25 sleutelfiguren uit ondernemend en politiek België naar de impact van 25 scharniermomenten op onze economische evolutie. Voormalig vicepremier en minister van Werk Kris Peeters zoomt in op het thema ‘werkbaar en wendbaar werk’.

Tekst

Laat duizend bloemen bloeien

De nood van werkgevers aan meer flexibele arbeidsregimes en de vraag van werknemers naar een meer individuele invulling van hun beroepsloopbaan is niet onverzoenbaar. Dat bewijst de wet op werkbaar en wendbaar werk (WWW) van maart 2017. Die overbrugt de kloof tussen nood en vraag. Kris Peeters, vicepremier en minister van Werk in de regering-Michel, trok voor die nieuwe wetgeving de kaart van het maatwerk.

Meer nog dan de inhoud is de WWW-aanpak van belang. Bij de voorbereiding hebben we veel geleerd van ‘de experimenten Hansenne’: de wijze waarop minister van Arbeid Michel Hansenne experimenten van arbeidsherverdeling en werktijdverkorting hanteerde om de jongerenwerkloosheid van de jaren tachtig te bestrijden. Hansenne stond veranderingen toe zonder de wet op de arbeidsduur meteen voor iedereen te wijzigen. Dezelfde vrijheid voor sectoren om te experimenteren, op eigen tempo en maat, werd de rode draad in de WWW-wetgeving. We laten duizend bloemen bloeien.
 
Begin 2015 kwamen er rondetafels met de sociale partners met als doel het thema en de werkwijze uit te klaren. Uit de gesprekken bleek dat de vraag van de werknemers naar werkbaar werk als voorwaarde om langer te werken, hand in hand moest gaan met de vraag van de werkgevers, het VBO op kop, om arbeid wendbaarder te maken, met ruimte voor flexibele arbeidsformules. De combinatie van die twee werd in WWW verankerd.

Items
Afbeelding
Kris Peeters
Afbeelding
Inhoudelijk biedt de WWW-wet een uitgebreid menu aan mogelijkheden
Type
As Carousel
Quote

De WWW biedt ruimte voor maatwerk, want een bouwbedrijf heeft andere noden dan een IT-consultant.

Auteur
KRIS PEETERS, VOORMALIG VICEPREMIER EN MINISTER VAN WERK
Tekst

Disruptie

De disruptieve kracht van WWW zit in de methodiek. Normaal gaat wetgeving over de arbeidsmarkt zowat twintig jaar mee vooraleer ze verouderd is. Arbeidswetten moeten tijdig worden aangepast aan de evoluties op de bedrijfsvloer. Maar zelfs dan is het niet mogelijk met één wetgeving alle verscheidenheid op de werkvloer te vatten. Daarom creërden we met de sociale partners een kaderwetgeving mét ruimte voor aanpassingen en bijsturingen. Ze geeft de sectoren ook de kans om te experimenteren, Hansenne indachtig.

De overheid neemt zich voor succesrijke experimenten te veralgemenen als dat gewenst is. Er blijft een sokkel bestaan. Het spanningsveld tussen de nood aan collectieve regels en bescherming enerzijds en de individualisering van loopbanen en arbeid anderzijds blijft aanwezig. We mogen het ene – het collectieve arbeidsrecht – niet opgeven voor het andere. Beide elementen moeten de arbeidsmarkt dragen. De collectieve regels moeten voldoende vrijheid laten.

Tekst

Creativiteit 

Ik geloof in de creativiteit van de sociale partners in de sectoren. In de WWW-wet hebben we formules overgenomen die al in een aantal sectoren waren uitgetest, zoals het plusminusconto uit de metaalsector.

In de eerste golf cao’s ging veel aandacht naar opleiding en vorming. Andere thema’s, zoals occasioneel telewerk of loopbaansparen, leverden niet meteen cao’s op. Ik ben evenwel niet ongerust: beleidsautonomie vraagt tijd. Dat moet groeien.
 
Ik reken op de nationale onderhandelaars van werkgevers en vakbonden, verenigd in de Groep van Tien, om de WWW een duwtje in de rug te geven. Uiteraard is de loonnorm de basis van het tweejaarlijks interprofessioneel akkoord (IPA). Maar het IPA mag ook de ambitie tonen om wegen uit te tekenen voor de kwaliteit van het werk en formules die toelaten om langer en flexibeler te werken. Hierin ligt een belangrijke, dubbele taak voor het VBO: als voorzitter van de Groep van Tien dit debat aanvuren en hetzelfde doen richting bedrijfssectoren. Thematisch zijn de werkgevers zeker mee: zij weten heel goed dat de werknemers hun grootste kapitaal zijn. 

0